De Jaarrekening vertelt. Van boekhoudschandaal naar ijzersterke Corporate Governance?

“Winst Ahold stijgt met 43 procent”, dit nieuwsbericht was afgelopen maart nog te lezen op NRC.nl.


 

“Winst Ahold stijgt met 43 procent”, dit nieuwsbericht was afgelopen maart nog te lezen op NRC.nl. Nadat de winst van 2014 nog flink was gedrukt door een schikking van ruim 200 miljoen euro van de Amerikaanse “Waterbury-rechtszaak”, kon de winst met dit enorme percentage stijgen naar 851 miljoen euro (1). Het gaat dus goed met Ahold, maar zoals ieder weet, is dit niet altijd zo geweest. Het is nog maar een dertien jaar geleden dat hetzelfde “goedlopende” Ahold te maken had met een slecht lopende Corporate Governance die leidde tot een enorm boekhoudschandaal. Door deze slecht lopende Corporate Governance kon het management misbruik maken van bestaande regelementen en een absolute macht in het bedrijf verwerven (2).

Momenteel zijn de cijfers, net als in de jaren voor het boekhoudschandaal, erg goed. Alles lijkt hetzelfde. Waarom zou er dan niet nog een boekhoudschandaal kunnen plaatsvinden? Het antwoord moet gevonden worden in de heilige graal voor alle stakeholders van het bedrijf: de jaarrekening.

 

Wat vertelt de jaarrekening ons?


In een 171 bladzijden tellend document komt men van alles te weten over hoe Ahold heeft gepresteerd het afgelopen jaar en hoe men dit heeft bewerkstelligd. Nu is de vraag wat doet Ahold op dit moment om een absolute macht af te wenden en hiermee een potentieel boekhoudschandaal te voorkomen?

Ten eerste omvat de hedendaagse Corporate Governance meerdere commissies en raden. Deze bestaan uit de Executive commissie, Supervisory Board, Management Board en de Generale meeting van de Aandeelhouders. Hier wordt de Executive commissie gecontroleerd door de Management Board en de laatste wordt weer gecontroleerd en geadviseerd door de Supervisory Board. De Management Board en de Supervisory Board moeten verantwoording afleggen aan de aandeelhouders. Oftewel, ieder heeft zijn eigen taak en dient verantwoording af te leggen voor zijn taken. Dit principe wordt mede bevestigd in het hoofdstuk “How we manage risk”, waarin staat beschreven dat één van de waardes van het bedrijf staat voor “Doing what’s right”, welke aangeeft dat elke werknemer verantwoordelijk is voor eerlijk en integer gedrag. Daarnaast heeft Ahold het Ahold Business Control Framework opgericht. Dit framework houdt zich bezig met controle werkzaamheden en risicobeoordelingen, welke ervoor moeten zorgen dat potentiële risico’s op zowel entiteitsniveau als werknemersniveau worden ontdekt en gelimiteer

Zoals weergegeven in een heleboel theorieboeken binnen de economie hebben we in de Corporate Governance te maken met een principal en een agent, het dagelijks bestuur en de aandeelhouders. Beide hebben ze de mogelijkheid om een absolute machtspositie te verwerven in het bedrijf. Bij Ahold wordt het voor het dagelijks bestuur een lastige zaak om een absolute machtspositie te verwerven, doordat zij gecontroleerd worden door een onafhankelijke raad en de aandeelhouders. Tevens geeft de jaarrekening aan dat de bestuurders betaald worden via een vergoedingssysteem, welke het bestuur zou moeten motiveren om in de belangen van de aandeelhouders te werken.

Ter voorkoming van een absolute macht bij de aandeelhouders zijn nog een aantal regels doorgevoerd, zowel binnen het bedrijf als via de AFM. Voorbeelden hiervan zijn het niet meer uitgeven van cumulative preferred aandelen en het doorgeven van alle entiteiten met meer dan drie procent van de totale aandelen van Ahold aan de AFM.   


Te goed om waar te zijn?


Dat klinkt allemaal leuk, de jaarrekening van 2014 is praktisch hetzelfde georganiseerd. Alles lijkt in kannen en kruiken. Er zullen waarschijnlijk wel nooit meer problemen zijn met enige vorm van boekhoudschandaal, toch?
Ondanks dat Ahold in de jaarrekening een goed fundament heeft neergelegd voor een betrouwbare Corporate Governance, bestaat er altijd nog het gevaar dat het bestuur acties onderneemt die niet in lijn zijn met de gedachten van de aandeelhouders. Het principal-agent vraagstuk zal altijd een probleem blijven door potentiële verschillende inzichten tussen het dagelijks bestuur en de aandeelhouders. Tevens zal het gebruik van externe motivatie in de vorm van een vergoedingssysteem, gaming uitlokken (niet te verwarren met Game Theory). Denk bijvoorbeeld aan een werknemer die aan het eind van het jaar een bonus in handbereik heeft en denkt deze bonus net niet te halen. In zo’n geval werkt een vergoedingssysteem zelfs averechts en veroorzaakt deze juist potentiële fraudepraktijken. Daarnaast zorgt deze externe motivatie voor een bepaalde status, welke men niet graag wil verliezen. Foute beslissingen of slechte resultaten bedreigen de status en creëren ook de motivatie om hun plek, koste wat het kost, te verdedigen.

Ahold heeft de laatste jaren uitstekend de draad opgepakt met een sterk winstgevend beleid en een goed georganiseerde Corporate Governance. Desondanks blijf ik van mening dat de risico’s met betrekking tot principal-agent en externe motivatie, een altijd dreigende factor zullen zijn.

 

Walter de Jong


Bronnen:

  1. NRC.nl (2016), Winst Ahold stijgt met 43 procent. Geraadpleegd op maandag 11 april 2016 van: http://www.nrc.nl/nieuws/2016/03/03/winst-ahold-stijgt-met-43-procent
  2. De Jong, A., De Jong, D.V., Mertens, G. & Roosenboom, P. (2005). Royal Ahold: A Failure of Corporate Governance. Geraadpleegd op dinsdag 12 april 2016 van: https://tippie.uiowa.edu/accounting/mcgladrey/workingpapers/royal_ahold.pdf  


     
Reageren Laat ons weten wat je vindt van deze blog. Velden gemarkeerd met een '*' zijn verplicht.
Naam *
E-mail (wordt niet getoond op de website) *
Reactie *

De schrijver

Walter de Jong

Walter de Jong is financieel interim manager bij HighQ.

Neem contact op

Recente artikelen van Walter de Jong

Populair